GKBS
MEDITATIE De kracht van er gewoon zijn
De kracht van er gewoon zijn
Februari 2021, midden in de coronapandemie, de scholen zijn gesloten.
Ik ben docent levensbeschouwing en zet om 8:20 uur de online les aan in Teams die tien minuten later gevuld zal zijn met leerlingen. Floris is direct online en zijn webcamgezicht komt op het scherm. “Hallo meneer Kant!” zegt hij met een vrolijke stem. “Goeiemorgen Floris, je bent er weer vroeg bij zoals altijd.”
Floris woont bij zijn opa en oma op zolder omdat zijn ouders beiden een fulltimebaan hebben en ze niet willen dat hij alleen thuis zit. In de kerstvakantie kon hij thuis zijn maar de vakantie is voorbij en de scholen zijn weer begonnen, helaas wel online dus hij zit weer bij opa en oma. De zolderkamer van Floris ken ik inmiddels omdat hij mij voorafgaand aan een eerdere les al eens een rondleiding heeft gegeven. De kamer heeft één klein dakraam en voor de rest is het donker, klein maar wel heel gezellig ingericht.
Meer leerlingen druppelen het online klaslokaal binnen en één voor één gaan de webcamcamera’s aan (een ingelaste schoolregel om te controleren dat ze ook écht online aanwezig zijn).
Ik zie een hoop beteuterde gezichten, de één zit achter z’n bureau, de ander op het bed en weer een ander op de grond.
De klas is stil en wacht af. Ik denk terug aan een paar weken geleden toen al deze tieners nog m’n klaslokaal binnenliepen, volop in discussie met elkaar en lachend. Een uur later en de les is voorbij en alle gezichtjes verdwijnen uit beeld, behalve één. Floris blijft even hangen. “En wat gaat u vandaag nog allemaal doen meneer?” “Wat leuk dat je het vraagt Floris, ik heb straks nog drie online lessen en dan ga ik even een rondje hardlopen. En wat zijn jouw plannen?” “Ik heb nog vier lessen en daarna ga ik gamen.”
Floris en ik praten nog een minuut of vijf door en daarna moet ik stoppen omdat mijn volgende klas op me wacht. We zwaaien naar elkaar en het beeld gaat op zwart. Dit is een vast ritme met klas T1A, Floris is als eerste online en gaat als laatste offline.
Juli 2024, diploma-uitreiking.
Het is mijn laatste jaar als docent en in de toespraken wordt de ‘coronageneratie’ besproken. Deze generatie behoort tot de Generatie-Z en ze hebben veel geleden onder de maatregelen. Ze hebben hierdoor een sociale achterstand opgelopen en zijn in hun belangrijkste ontwikkeljaren op zichzelf geworpen geweest terwijl ze juist behoefte hebben aan ergens bij horen.
Ik spreek Floris nadat hij z’n TL-diploma heeft ontvangen. “Dat waren gekke jaren hé meneer Kant? Het leukste aan die periode vond ik onze gesprekjes voor en na de les meneer.”
Voor mij waren die momentjes met Floris voor en na de online les maar korte momentjes die voorbijvlogen. Het is logisch dat je even praat met een leerling wanneer hij/zij even blijft plakken. En op dat moment besefte ik me dat ze van veel grotere waarde waren voor Floris. Meer dan ik me had gerealiseerd. Zonder dat ik het doorhad bleek ik een lichtpuntje van hoop te zijn in deze donkere periode van een puber.
Door er simpelweg te zijn, naar iemand te luisteren en te vragen wat je vandaag gaat doen kun je iemand al de dag door helpen en nieuwe moed geven. Dit moment deed mij realiseren dat we vaak niet doorhebben dat contactmomenten die voor ons misschien klein en onbelangrijk lijken voor een ander van grote waarde kunnen zijn. We hoeven niet altijd iemands problemen op te lossen, iemand te troosten, iemand bewust moed in te praten of één van de zeven werken van barmhartigheid (Matt. 25) in praktijk te brengen. Door er simpelweg te zijn en naar iemand te luisteren kun je de ander al tot een zegen zijn.
Kerkelijk werker Jongeren, Gertjan Kant