GKBS
Meditatie: Vat moed, bevrijd je volk
Meditatie: Vat moed, bevrijd je volk
Heb Ik jou niet gestuurd?
Voelt u zich een dappere held? Een moedig krijgsman? Of bent u – net als ik – maar een gewoon mens, vaak met angst in het hart en knikkende knieën?
Bij de kring “Lees heel de Bijbel” lezen we deze maand Rechters, of – zoals het boek vroeger genoemd werd – Richteren. Een boek vol helden en machtige daden. Het leest als een actiefilm: er zijn bijzondere roepingen, sterke vijanden, gevaarlijke veldslagen, soms een heuse achtervolging en vaak een onverwachte afloop. Of misschien is het eerder een serie, waarin de helden – mannen én vrouwen – elkaar opvolgen, de één nog krachtiger dan de ander.
In het midden staat het verhaal van Gideon, jong en bescheiden. Hij verstopt zich in een wijnpers, maar wordt door een engel gevonden en dan klinken verrassende woorden:
God is met je, dappere held!
Het is een verrassende uitspraak van die engel. Want Gideon lijkt niet erg moedig. Zijn tijd is er ook niet naar. Rechters speelt in een tijd van chaos en wanorde. Vrijwel iedereen, ook Israël, buigt voor Baäl, de meer-meer-meer-god van nooit-genoeg. Volken vechten om een plek om te leven en “ieder deed wat goed is in zijn eigen ogen”.
In zulke tijden heb je moed nodig.
Drieduizend jaar later zijn onze donkere tijden heel anders, en toch ook heel herkenbaar. Grote rijken staan tegen elkaar op, de wet staat op veel plaatsen onder druk en mensen buigen nog steeds voor macht en rijkdom. Hoe moet je in zo’n wereld leven? Hoe blijf je overeind?
Misschien wil je je – net als Gideon – het liefst verstoppen in een wijnpers, veilig weggedoken en ver van de wereld gericht op je eigen bestaan. Misschien heb je daar ook je handen vol aan. Zit je vol zorgen over jezelf of je geliefden, ben je druk met alles wat moet of de zorg voor wie bij je hoort. Dat beetje tarwe dat jij kunt dorsen, dat beetje zegen dat jou toevalt, je houdt het liever voor jezelf. Misschien reageer je net als Gideon, als de engel hem aanspreekt, met vragen en verwijten. God? Waar is Hij dan? Waar blijft Hij? Ziet Hij niet wat nodig is? Dat het leven vraagt om recht, om richting, om iemand die recht doet en die recht spreekt, om iemand die recht zet wat krom is en pijn doet?
Die vragen zijn reëel. Zeker in donkere tijden. Als God dichtbij komt, ontkent Hij dat niet. Maar wat Hij zegt is weer verrassend.
Vat moed, bevrijd je volk, die opdracht geef Ik jou.
Als antwoord op onze vraag naar Gods ingrijpen, kaatst God de vraag terug. In het Hebreeuws staat het er zelfs nog confronterender: als een directe tegenvraag aan Gideon.
Gideon, vat moed. Heb Ik jou niet gestuurd?
Het is misschien niet het antwoord dat wij willen horen. Liever wijzen we van ons af, naar het kwaad van anderen, en naar de redding die van een ander moet komen. Maar God wijst naar ons. Naar u en mij.
Laten wij het begin zijn van een ander verhaal. Een verhaal dat niet wijst naar geweld, dat niet uitgaat van woede, dat niet leeft van wantrouwen. Maar een verhaal dat daar tegen in gaat. Een verhaal van vrede en recht, van zegen en vreugde.
Misschien voelt u zich geen held, maar je hoeft geen krijger te zijn, om een held te zijn. Wie het goede doet, gebruikt God als een held in Zijn koninkrijk.
Ds. N. Rietveld-de Jong