GKBS
Meditatie Waar is jouw verblijfsvergunning?
Meditatie Waar is jouw verblijfsvergunning?
“Ik laat jullie niet als wezen achter, Ik kom bij jullie terug.” Johannes 14:18
De tijd tussen Pasen en Pinksteren begint met wat ook wel de “wezenzondag” wordt genoemd. Want er bestaat zoiets als een tussentijd. Tussen onze werkelijkheid en de werkelijkheid van Gods Koninkrijk kun je je soms verweesd voelen. Tussen je thuis voelen bij God en de realiteit dat je soms met je ziel onder je arm loopt, zit vaak een spanningsveld.
De afgelopen weken werd ik geraakt door de zoektocht van mensen naar een thuis. Het is vaak een weg van iets loslaten, terwijl je iets nieuws nog niet gevonden hebt. De weg van hopen dat God wegen zal vinden waarop je voet kan gaan, terwijl je die weg nog niet per se ziet.
Het begon met een uitnodiging aan de GKBS van nieuwe medelanders om deelgenoot te zijn van hun iftar-maaltijd: de avondmaaltijd waarmee tijdens de ramadan het vasten wordt gebroken. Ze wilden ruimte voor ons maken aan hun tafel. Niet om ons te overtuigen van “hun” geloof, maar om bruggen te bouwen en elkaar te leren kennen. Daar zat ik dan, bij een jong stel dat gevlucht was omdat ze een andere mening hadden dan de machthebbers. Dankbaar dat ze in Nederland openhartig konden leven. Hij vertelde hoe hij afgelopen zomer niet bij de bruiloft van zijn broer kon zijn. Hoe hij en zijn vrouw nieuwe vriendschappen aan het opbouwen zijn in een land waar ze niet geboren zijn. Hoe isolatie voor hen geen optie is, maar integratie wel.
Een paar dagen later werd ik gebeld door Aart Koelewijn: “Dominee, kunt u mij helpen? Ik heb hier een Armeens gezin. Hun moeder is overleden. Ze zoeken een dominee die hen in het Engels kan begeleiden.” Daar zat ik dan, in de rouwkamer. Ik hoorde verhalen over oorlog in Irak. Over een gezin dat over de hele wereld is verspreid: de één in Nederland, de ander in Thailand en weer een derde in Amerika. Over hoe het kantoor van de VN in Thailand een plek voor hen zocht, waardoor ze niet in één land terechtkwamen. Nu waren ze nog één keer bij elkaar, rondom het overlijden van hun moeder.
Dus vraag ik me af: waar hoor je thuis als je door geweld en onveiligheid je geboortegrond hebt moeten verlaten? Hoe vind je een thuis als leven op die plek onhoudbaar is geworden?
Met die verhalen in mijn hart zit ik daar. Dankbaar dat ik nooit heb hoeven vluchten, maar ook met een stuk herkenning. Want waar hoor je thuis als het leven je op meer dan één plek heeft gebracht?
Ik moet denken aan de woorden van Petrus, gericht aan een gemeente met leden zonder de juiste verblijfspapieren. Hij noemt hen “bijwoners en vreemdelingen”. Maar deze bijwoners en vreemdelingen moeten één ding niet vergeten: God heeft hen gekozen tot Zijn volk. “Eens was u geen volk, nu bent u Gods volk; eens werd u ontferming onthouden, nu ontvangt u Gods ontferming.” (1 Petrus 2)
Als je zoekt naar je wortels, als je zoekt naar je identiteit, als je het gevoel hebt er niet helemaal bij te horen—weet dan dit: bij God kom je thuis. “Ik laat jullie niet als wezen achter,” zegt Jezus.
Soms valt ons leven en geloof als het ware tussen Pasen en Pinksteren. Het oude is niet meer, maar het nieuwe is nog niet gekomen. De Jezus die vanzelfsprekend was, kun je niet zomaar meer vinden, maar de Heilige Geest laat zich ook nog niet ervaren.
Wat moet je dan?
Geloof dit: houd vol. Hij laat niet los.
In de kostbare en kwetsbare multiculturele ontmoetingen van de afgelopen weken hoorde ik de stem van Jezus fluisteren:
“Welkom thuis, voor wie zoek was of op reis, te lang is weggeweest. Welkom thuis.”
Dat ons geloof en onze geloofsgemeenschap de grenzeloze gastvrijheid van de hemelse Vader mogen weerspiegelen en het voorbeeld van Jezus volgen die bij iedereen aan tafel aanschoof.